Ilse Van der Hasselt
Ilse leeft op een dieet van talen en literatuur. Ze is leerkracht Frans, ze zingt Franse chanson en schrijft kortverhalen en romans. De Boerderij is haar debuutroman. In haar vrije tijd is ze barvrouw in een hippe bruine kroeg.
Project - De Boerderij
De jaren tachtig. André neemt een ooit goed draaiend boerenbedrijf over. Wat vroeger vanzelfsprekend was, wordt steeds moeilijker: schulden stapelen zich op, wanbeheer en veranderende tijden duwen hem van mislukking naar mislukking.
Andrés vrouw Lut houdt alles draaiende. Ze is leerkracht, boekhouder, moeder en de onzichtbare motor van de boerderij. Zoon Raf is de gedoodverfde opvolger. Dochter Hilde blijft buiten beeld. Zij droomt van een leven weg van het verstikkende boerenmilieu, ze wil zekerheid en autonomie.
Wanneer André alle hoop verliest, dreigt niet alleen de boerderij ten onder te gaan, maar ook het gezin.
De Boerderij is een rauw verhaal dat stinkt en wringt. Een zintuiglijk en universeel familie-epos in een Vlaamse context. Een herkenbaar verhaal over ambitie en mislukking, over falende vaders en onzichtbare vrouwen, tegen de achtergrond van een wereld die langzaam verdwijnt.
Fragment
Enkele weken later waren de stallen omgevormd tot paardenboxen. Het liep goed, alle boxen waren binnen de kortste keren verhuurd. De hele boerderij rook nu naar hooi en bieten. André had besloten om ook te fokken met paarden.
Op een woensdagnamiddag in mei zag Hilde een jeep stoppen voor de schuur. Va had een dekhengst met stamboek geboekt. Hij gaf enkele geldbriefjes aan de eigenaar. De paardenvan ging open, de eigenaar leidde de hengst naar buiten. Het dier stond bronstig en ging wild tekeer. Va en een helper haalden de merrie van stal, ze steigerde. Va trok ruw aan het zeel om het paard in bedwang te houden. Een rilling liep over Hildes rug. Het paard snoof hard en schoof nerveus heen en weer. De hengst probeerde haar te bespringen. Ze trok zich weg, steigerde opnieuw, haar hoeven krijsten over het beton. De mannen moesten al hun krachten inzetten om de hengst en de merrie in bedwang te houden: ‘Hoho!’ Het gehinnik van de paarden, en het getrappel en geschuifel van de hoeven overstemde hen. De merrie werd kort aan het zeel gehouden, er kwamen stokslagen aan te pas. Hilde stond als aan de grond genageld. Eindelijk kon de hengst zijn ding doen. De ogen van de merrie puilden uit van angst. Hildes adem stokte. Een ijzingwekkende schreeuw, daarna niets meer. Als in een waas zag ze hoe de merrie zich schor gilde en uitzinnig van angst vocht voor haar leven. Haar benen wilden alle kanten uit. Er volgden meer stokslagen, het paard gleed uit en viel op haar zij. De mannen sprongen achteruit. Het dier probeerde recht te krabbelen, va en de helper sprongen bij om het zwetende beest in bedwang te houden. De kronkelende lijven van drie mannen en twee paarden op het beton. Alle spieren gespannen, zweet alom, een onwezenlijke scène in een stomme film. Dan kwam het geluid terug: schreeuwende mannenstemmen, luid gehinnik. De merrie werd naar de stal gebracht. Twee dagen later lag ze dood: het verkeerde gat, geperforeerde darm.